25 april 2009

LIEFDE GAAT DOOR DE NEUS

 

Vroeger, eeuwen geleden, toen ik nog studeerde, gebeurde het soms dat mijn huisgenoten en ik om het even onchristelijke als onmenselijke tijdstip van 12.00 uur in de vroege ochtend college hadden. Het was 14 minuten fietsen van ons huis naar de stad, dus als we om 11.43 uur opstonden, dan hadden we genoeg tijd om kleren aan te trekken en tanden te poetsen. Het douchen schoot er dan bij in, maar daar hadden we een oplossing voor die we ‘de middeleeuwse methode’ noemden. Net als ons voorouders in vroeger tijden bepotelden we ons met deodorant en ander geurwater om de aroma’s van onze zweetplekken te ‘overgeuren’. 

 

Heel soms – als we bijvoorbeeld tot 11.46 uur hadden geslapen - dan schoot ook die besprenkeling met parfum of aftershave erbij in, en verschenen we met een boeket van lichaamsodeur op college.

 

Inmiddels, eeuwen later, weet ik dat dit zo gek nog niet was. Er zijn veel redenen waarom mensen & dieren op elkaar vallen. ‘Vraag een pad wat schoonheid is,’ schreef de Franse schrijver Voltaire al in 1764, ‘en hij zal antwoorden dat het een vrouwtje is met twee grote ronde ogen die uit haar grote platte hoofd puilen, een gele onderbuik en een bruine rug.’

 

Vraag een vrouwtjesmens wat zij aantrekkelijk vindt en ze zal antwoorden dat ze valt op een krachtige, gezonde, gespierde, humoristische man met brede schouders, smalle heupen, een welgevormd (symmetrisch) gezicht en een brede kaaklijn. Als een man aan deze eigenschappen voldoet wil dat nog niet zeggen dat de vrouwtjesmens de rest van haar leven met dit ideale mensenmannetje zal willen doorbrengen, want op de lange termijn is één ding nog belangrijker dan looks: geur.

 

Liefde gaat door de neus, niet door de maag. Zin in seks kan bijvoorbeeld worden opgewekt door stofjes die feromonen worden genoemd, chemische goedjes die voorkomen in allerhande geurende lichaamssappen (zweet, sperma, speeksel, et cetera) en die als effect hebben dat mensen gelukkiger of meer opgewonden raken.

 

De biologe Jena Pincott legt in haar boek Waarom vrouwen chocola lekkerder vinden dan seks helder uit waarom wij de ene persoon aangenamer vinden ruiken dan de andere. Iemands geur verraadt namelijk zijn of haar immuunsysteem. De afgelopen decennia is er veel geschreven over onderzoeken die zijn gedaan met vrouwen (mannen) die moesten ruiken aan de bezwete T-shirts van mannen (vrouwen). Na veel van deze experimenten blijkt dat we – als we hun neus volgen en niet ons geslachtsdeel – de voorkeur geven aan partners wier immuunsysteem afwijkt van dat van ons. Oftewel: vrouwen en mannen zoeken geliefden die zich op andere wijze verdedigen tegen indringers en bacteriën dan zijzelf. Dit is op zich logisch. 

 

Wij hebben ons immuunsysteem gekregen van onze beide ouders. Als je vader goed is in de strijd tegen bacterie X en je moeder goed kan knokken met bacterie Y, dan is de kans groot dat jij het kan opnemen tegen beide huftertjes. Maar wanneer je ouders goed zijn in het bestrijden van dezelfde tegenstanders, dan heb je een probleem. Niet alleen mensen vallen op geliefden met een tegengesteld immuunsysteem, ook muizen, vogels, vissen en vele andere dieren zoeken hiernaar.

 

Er zijn echter afleiders op de weg. Het rookverbod heeft er bijvoorbeeld ook voor gezorgd dat mensen elkaar eindelijk weer eens kunnen ruiken in het café of in de club. Nicotinewalm was namelijk bij uitstek het middel om eigen geurtjes te maskeren. Net als overigens parfum, zeep, aftershave en deodorant, die ook onze natuurlijke geuren overstemmen. Dankzij al dat gesproei met lekkere stinksels gebeurde het soms dat we in bed belandden met geliefden die we eigenlijk vonden meuren. Daarom kun je je maar beter douchen dan onderspuiten met vervanggeur. Voor je partner ruikt er niets zo lekker... als jouw zweet.

 

(Verscheen deze maand in Kijk)





08 juni 2009

ONZE GROTE PENIS

 

Laten we beginnen met een kleine doe-opdracht voor de mannelijke lezers (de lezeressen mogen ook meedoen, maar dan hebben ze even een mannelijk onderzoeksobject nodig): voel of er in je geslachtsdeel een bot zit en probeer te bedenken waarom dat wel of niet is. Ik wacht even...

 

Zo. En? Inderdaad, je hebt het goed gevoeld: wij mannen hebben geen bot in onze penis. Dat is op zich vreemd, want de delen van ons lichaam die kunnen bewegen hebben steevast een of meerdere botten om dat voor elkaar te boksen. Neem bijvoorbeeld je oren, daar zitten vederlichte bewegende onderdelen in die botten nodig hebben om te kunnen functioneren.

 

Maar onze genenlans, onze vrolijke plezierpook, moet het doen zonder bot, kraakbeen of andere stijve ondersteuning (terwijl het toch een zeer beweeglijk orgaantje is). Dit in tegenstelling tot onze directe verwanten en collega-primaten. Neem bijvoorbeeld de chimpansee, die in zijn plassertje een handig botje heeft, dat hem razendsnel in opperste staat van paraatheid kan brengen. Toont een vrouwtjeschimpansee een mannetje haar lekkere rode billen, dan horen we ‘plop’ en kan het mannetje direct aan de slag. Seks is de apenwereld dan ook meestal secondewerk, want de apenmannetjes hoeven geen tijd te verspillen met het oppompen van hun lubbertuitjes.

 

Dat is namelijk wat er bij ons mensen gebeurt. Zie onze penis als een forse reep slappe entrecote, waar in het vlees een paar zakjes zitten die met bloed kunnen worden gevuld, waardoor het gevaarte omhoog kan komen. Dit oppompen vergt nogal wat van onze bloedvoorraad, energie en concentratie; de mechanica van een erectie is dan ook een onderwerp waar generaties biologisch ingestelde natuurkundigen op zouden kunnen afstuderen.

 

Een van de problemen bij het laten rijzen van een mannelijke hefkraan is immers het enorme formaat. Mannen hebben een gigantische stijve pik, en dit zeg ik niet als een complimentje aan mezelf of mijn broeders, maar omdat het een hard feit is. Als ik deze wetenschap op middelbare scholen deel met leerlingen, zijn er altijd wel een paar meisjes die - bijna schuimend van opwinding - roepen dat een hengst toch werkelijk een grotere piemel heeft dan de lullige pielemuisjes die zij tot dan toe bij hun vriendjes zijn tegengekomen. Dit is natuurlijk waar, in absolute termen. Maar deel de inhoud van een hengstenlichaam eens door de inhoud van zijn erectie en doe hetzelfde met de mannetjesmens en zijn schuiftrompet, en wij mensenmannen winnen glansrijk. Geen grotere lullen te vinden! Wij zijn de trotse koplopers in de Eredivisie der Grote Pielen. 

 

Het antwoord op de vraag waarom mannen enorme geslachtsdelen hebben is simpel: omdat vrouwen de afgelopen miljoen jaar op enorme geslachtsdelen zijn gaan vallen. Dat is een uniek menselijke voorkeur, want chimpanseevrouwtjes zijn al tevreden met stijve piemels ter grootte van een wattenstaafje en gorillavrouwtjes met een lucifer.

 

Dat heeft met seksuele selectie te maken. Een grote erectie is een volstrekt nutteloos apparaat, dat uitsluitend ontstaan is om mee te pronken. Zoals de pauw paradeert met zijn veren en het roodborstje met zijn buik, zo zijn onze voorouders gaan pronken met onze oppompbare rolmopsen... omdat onze voormoeders daar opgewonden van werden! Mannetjes die zich op deze manier uitsloofden lieten aan de vrouwtjes zien dat ze gezond genoeg waren en een overdosis energie hadden om er zoiets overbodigs op na te houden. En het ontbreken van bot in een penis maakt de prestatie nóg imposanter. Een erectie zonder bot is de beste advertentie die een man voor zichzelf kan plaatsen. Kijk eens: ik kan een stuk vlees in de lucht houden zonder handen en zonder bot. Klinkt bepaald stompzinnig... maar vrouwen vallen ervoor!

 

(column in Kijk, juni 2009)





26 september 2009

SAMEN

(Foto geplukt van dit weblog)

 

Mijn ouders zijn ruim zeventien jaar getrouwd geweest, waarvan dertien jaar te lang. Althans dat zei mijn moeder jaren later, toen alle stofwolken en kruitdampen waren opgetrokken. Hoewel zij niet meer van elkaar hielden probeerden ze hun huwelijk in stand te houden aanvankelijk door en later voor de kinderen. Een scheiding zagen ze als nóg desastreuzer voor onze ontwikkeling dan hun liefdeloze uitgerangeerde huwelijk.

Toen ik tien was konden mijn ouders hun gebrek aan hartstocht echter toch niet langer verdragen. En wijs besluit, want het vreemde was dat alle mensen in hun omgeving - inclusief mijn zus en ik - zagen dat mijn ouders volstrekt niet bij elkaar pasten. Mijn moeder was een vrolijke levenslustige schreeuwlelijk die hield van grote feesten en drukte om zich heen. Mijn vader was een kalme boekenlezer die het liefst met rust gelaten wilde worden. Dat mijn ouders het zeventien jaar met elkaar hebben uitgehouden was een wonder.

Lees meer>

21 januari 2010

THE SOUND OF SEXINESS

 

Ik schrijf dit stuk in bed, wat leuker klinkt dan het is. Naast me staat een glas dampende citroendrank met paracetamol, er liggen dropjes en zakdoeken, mijn bewustzijn dobbert in een meer van wat in het Latijn mucus heet (slijm). In Wikipedia lees ik dat dit een oplossing is van macromoleculen in water ‘waardoor dit visceuzer wordt en er in mindere of meerdere mate draden van de oplossing kunnen worden getrokken’. Ook leuk om te weten: ‘Als de concentratie van de verdikkende moleculen groter wordt ontstaat meestal een gel.’ De gel die uit mijn keel komt heeft een doffe groene kleur, wat mijn humeur er niet vrolijker op maakt.

Mijn vrouw kwam zojuist de kamer binnen en vroeg of alles goed ging. ‘Ja hoor,’ antwoordde ik hees.

‘Oe, sexy stem!’ zei ze.

Lees meer>